Artikel 78

Beroepsmatige vertegenwoordiging

  1. Natuurlijke of rechtspersonen kunnen bij procedures voor het Bureau in de zin van deze verordening slechts worden vertegenwoordigd door:
    (a) een advocaat die bevoegd is op het grondgebied van een der lidstaten praktijk uit te oefenen en kantoor houdt binnen de Gemeenschap, voorzover hij in die lidstaat bevoegd is als vertegenwoordiger terzake van industriële eigendom op te treden; of b) erkende gemachtigden die zijn ingeschreven op de in artikel 85, lid 1, onder b), van de verordening inzake het Gemeenschapsmerk genoemde lijst van erkende gemachtigden; of c) personen die staan vermeld op de in lid 4 genoemde speciale lijst van erkende gemachtigden terzake van modellen.
  2. De in lid 1, onder c), bedoelde personen zijn alleen bevoegd om derden voor het Bureau te vertegenwoordigen in procedures inzake modellen.
  3. De uitvoeringverordening stelt vast of en onder welke voorwaarden gemachtigden een ondertekende volmacht voor toevoeging aan het dossier aan het Bureau moeten overleggen.
  4. Op de speciale lijst van erkende gemachtigden terzake van modellen kan iedere natuurlijke persoon worden ingeschreven die aan de volgende voorwaarden voldoet:
    (a) hij moet de nationaliteit van een van de lidstaten bezitten;
    (b) zijn kantoor of de plaats waar hij werkt moet zich binnen de Gemeenschap bevinden;
    (c) hij moet bevoegd zijn terzake van modellen natuurlijke personen en rechtspersonen te vertegenwoordigen voor de centrale dienst voor de industriële eigendom van een lidstaat of voor het Benelux-Bureau voor tekeningen of modellen. Wanneer deze bevoegdheid tot vertegenwoordiging terzake van modellen in die lidstaat niet afhankelijk gesteld is van bijzondere beroepsbekwaamheid, komen slechts personen voor inschrijving op de lijst in aanmerking die gedurende ten minste vijf jaar regelmatig als vertegenwoordiger terzake van modellen opgetreden zijn bij de centrale dienst voor de industriële eigendom van die lidstaat. Deze voorwaarde inzake beroepsuitoefening geldt evenwel niet voor personen ten aanzien van wie, overeenkomstig de in een lidstaat bestaande voorschriften, officieel erkend wordt dat zij terzake van modellen over de vereiste beroepsbekwaamheid beschikken om natuurlijke of rechtspersonen bij de centrale dienst voor de industriële eigendom van die lidstaat te vertegenwoordigen.
  5. Inschrijving op de in lid 4 genoemde lijst geschiedt op verzoek, waarbij een door de centrale dienst voor de industriële eigendom van de betrokken lidstaat afgegeven bewijs overgelegd wordt waaruit blijkt dat de in dit lid bedoelde voorwaarden vervuld zijn.
  6. De voorzitter van het Bureau kan ontheffing verlenen van:
    (a) de in lid 4, onder a), bedoelde eis in bijzondere omstandigheden;
    (b) de in lid 4, onder c), tweede volzin, bedoelde eis, indien de verzoeker het bewijs levert dat hij de vereiste bekwaamheid op een andere wijze heeft verworven.
  7. De voorwaarden waaronder een persoon van de lijst kan worden geschrapt, worden geregeld in de uitvoeringsverordening.